PROTOCOL-ONEKies je tijd

Peesklachten & revalidatie

Helpen isometrische oefeningen direct tegen peespijn?

Door Protocol-One

Isometrische oefeningen kunnen bij sommige mensen peespijn tijdelijk verminderen, maar dat effect is niet voorspelbaar en ze werken niet aantoonbaar beter dan oefeningen waarbij je beweegt met weerstand. Zie vasthouden daarom als één mogelijke manier om een pees te belasten, niet als een verplichte pijnstillende start van iedere revalidatie. De bruikbaarheid hangt af van je klacht, de gekozen houding, de zwaarte en wat je daarna weer kunt doen.

Stilhouden belast de pees ook

Bij een isometrische oefening span je een spier aan terwijl de gewrichtsstand vrijwel gelijk blijft. Denk aan een kuithef waarbij je de hiel op één hoogte houdt, of een kniestrekking tegen een weerstand die niet beweegt. Dat is iets anders dan de spier ontspannen. De spier levert kracht en die kracht wordt via de pees doorgegeven; de pees kan daarbij vervormen, ook zonder zichtbare beweging.

Bij dynamische krachtoefeningen beweegt het gewricht wel, bijvoorbeeld tijdens rustig omhoogkomen en zakken in een kuithef. Beide vormen kunnen zwaar of licht zijn. Alleen het woord ‘isometrisch’ vertelt dus weinig over de belasting. Een lange, zware houding toevoegen aan hardlopen of springen is nog steeds extra werk voor hetzelfde spier-peessysteem.[1]

De opvallende eerste uitkomst kwam uit zes sporters

De belangstelling voor directe pijnverlichting groeide door een kleine cross-overstudie uit 2015. Zes volleyballers met patellapeesklachten deden op verschillende momenten isometrische en dynamische oefeningen. Na het isometrische werk daalde de gemiddelde pijn tijdens een kniebuigtest van 7 naar bijna 0 op een schaal van 0 tot 10. Het effect hield in die proef minstens 45 minuten aan. De dynamische oefeningen gaven een kleinere daling.

Dat was een interessant signaal, geen bewijs dat iedere pijnlijke pees zo reageert. Het ging om zes sporters, één pees en een korte meetperiode. De proef mat geen genezing en geen veilige terugkeer naar een volledige wedstrijd. Ook de gemeten verandering in aansturing van de bovenbeenspier bewijst niet dat beschadigd peesweefsel binnen een uur herstelt.[2]

Latere studies geven een minder eenduidig beeld

Een systematische review uit 2020 bundelde tien gerandomiseerde studies. De resultaten waren wisselend en de kwaliteit meestal laag. Isometrische oefeningen waren voor directe pijnverlichting en uitkomsten tot twaalf weken niet overtuigend beter dan dynamische oefeningen. Dat betekent niet dat ze nooit helpen; de veronderstelde bijzondere pijnstillende werking is alleen niet betrouwbaar aangetoond.

Een review die online op 27 mei 2026 verscheen, verandert die conclusie niet wezenlijk. Dertien onderzoeken met 336 deelnemers onderzochten verschillende pezen en uiteenlopende oefenperiodes. Slechts drie studies werden als methodologisch goed beoordeeld; de verschillen waren te groot voor een gezamenlijke effectschatting. Er blijft weinig steun voor superioriteit boven andere vormen van peesbelasting. Een universeel recept voor houding, duur of zwaarte volgt hier niet uit.[1][3]

Een achillespees of hamstring hoeft niet hetzelfde te reageren

Bij 91 mensen met langdurige klachten in het middendeel van de achillespees werden twee isometrische varianten, dynamische kuitoefeningen en rust vergeleken. Geen van de vier groepen liet gemiddeld een duidelijke onmiddellijke pijnvermindering zien tijdens een hinkeltest. De toewijzing was niet volledig gerandomiseerd en de deelnemers waren na eerdere oefentherapie onvoldoende hersteld. De uitkomst geldt daarom niet zonder meer voor nieuwe klachten of pijn bij de hielaanhechting.

Ook een gerandomiseerde cross-overstudie uit juni 2026 bij langdurige hamstringpeesklachten vond geen duidelijk voordeel. Van twintig deelnemers voltooiden negentien beide oefensessies. Pijn bij een functionele taak, kracht en zitklachten verschilden niet aantoonbaar tussen isometrisch en dynamisch oefenen. De kleine groep en korte follow-up laten onzekerheid bestaan, maar ondersteunen geen belofte van betere directe pijnstilling.[4][5]

De opbouw over weken weegt zwaarder dan één pijnmeting

Voor revalidatie telt uiteindelijk of lopen, traplopen, kracht zetten of sporten weer beter gaat. In een gerandomiseerd onderzoek bij 76 mensen met patellapeesklachten gaf een geleidelijk opgebouwd belastingsprogramma na 24 weken een betere gecombineerde pijn- en functiescore dan een pijnuitlokkend excentrisch programma. Het gemiddelde verschil was 9 punten op een schaal van 100, met een onzekerheidsmarge van 1 tot 16 punten.

Die vergelijking ging over complete programma’s. Ze bewijst niet dat één contractievorm het verschil veroorzaakte. Ook het verschil in sporthervatting was statistisch niet overtuigend. De praktische les is om een oefening te beoordelen binnen de totale opbouw, in plaats van de eerste minuten pijnverlichting als eindpunt te nemen.[6]

Kies de vorm die een bruikbare volgende stap mogelijk maakt

Een statische houding kan praktisch zijn wanneer een beweging nog moeilijk te doseren is of wanneer vasthouden duidelijk prettiger voelt. Spreek dan af wat het doel is: een verdraagbare krachtprikkel, comfortabeler bewegen of voorbereiding op een volgende oefening. Vergelijk de reactie bij dezelfde eenvoudige taak vóór en na het oefenen, zonder er een maximale test van te maken.

Volg ook hoe de klacht later op de dag en de volgende ochtend reageert. Minder pijn direct na een houding is geen vrijbrief om extra sprints of sprongen toe te voegen. En als de pijn niet daalt, betekent dat niet automatisch dat de oefening zinloos is: voor krachtopbouw geldt een andere tijdschaal. Blijft de reactie ongunstig, dan kunnen houding, weerstand, duur of totale sportbelasting worden aangepast. Een persoonlijk passend programma hoeft geen vaste reeks van vijf keer 45 seconden te bevatten.[1][4][6]

Literatuur en bronnen

  1. Clifford et al. Effectiveness of isometric exercise in the management of tendinopathy (2020)

    BMJ Open Sport & Exercise Medicine. Online 4 augustus 2020. Volledige gepubliceerde tekst via de Universiteit van Glasgow geraadpleegd. Review van tien gerandomiseerde studies; beperkt en heterogeen bewijs, geen overtuigende superioriteit voor directe of kortetermijnuitkomsten.

  2. Rio et al. Isometric exercise induces analgesia and reduces inhibition in patellar tendinopathy (2015)

    British Journal of Sports Medicine. Online 15 mei 2015. Abstract geraadpleegd. Gerandomiseerde cross-overstudie bij zes volleyballers; opvallende pijnvermindering tot 45 minuten, maar geen onderzoek naar genezing of sporthervatting.

  3. Soliman et al. Isometric Exercises for Tendinopathies: A Systematic Literature Review (2026)

    Clinical Therapeutics. Online 27 mei 2026; jaargang oktober 2026. Abstract geraadpleegd. Dertien gerandomiseerde onderzoeken, 336 deelnemers; slechts drie methodologisch goed beoordeeld. Heterogeniteit verhinderde meta-analyse; beperkte steun voor superioriteit.

  4. Van der Vlist et al. Isometric exercises do not provide immediate pain relief in Achilles tendinopathy (2020)

    Scandinavian Journal of Medicine & Science in Sports. Online 31 mei 2020. Volledige tekst geraadpleegd. Quasi-gerandomiseerde studie bij 91 mensen met chronische midportion-achillespeesklachten na onvoldoende herstel met eerdere oefentherapie. Geen gemiddelde directe pijnwinst; geen langetermijnbehandelstudie.

  5. Rich et al. Isotonic versus isometric strength exercise in proximal hamstring tendinopathy (2026)

    Clinical Journal of Sport Medicine. Online 3 juni 2026. Abstract geraadpleegd. Gerandomiseerde cross-overstudie: twintig deelnemers, negentien voltooiden beide sessies. Geen aantoonbaar verschil in pijn, kracht of zitklachten; kleine steekproef en follow-up tot 24 uur.

  6. Breda et al. Effectiveness of progressive tendon-loading exercise therapy in patellar tendinopathy (2021)

    British Journal of Sports Medicine. Online 20 november 2020; jaargang 2021. Abstract en openbare methodepassage geraadpleegd, niet de volledige tekst. RCT bij 76 mensen; beter gecombineerd pijn-/functieresultaat na 24 weken dan pijnuitlokkend excentrisch oefenen. Geen geïsoleerde toets van isometrie; sporthervatting niet aantoonbaar beter.

Geraadpleegd op 15 oktober 2026.